VERZILTEN, GEEN ESTUARIUM

 

| 03-12-2014 | 09:15 uur |


VERZILTEN, GEEN ESTUARIUM

gele lis

gele lis

De nu ter inzage liggende Milieu Effect Rapportage (MER) en Rijksstructuurvisie Grevelingen en Volkerak geeft ons breder inzicht over de plannen met deze deltawateren. In de huidige voorkeursvariant zal een beperkt getij vanuit de Oosterschelde met de bijbehorende verzilting zijn intrede doen in het Krammer-Volkerak. Is dit een eerste stap naar een estuarium of slechts een maatregel om te voldoen aan de Kader Richtlijn Water (KRW)?

Afwisselende milieus
Het huidige Volkerak is nog steeds volop in ontwikkeling en de invloed van het ooit zo prachtige dynamische milieu zijn nog altijd zichtbaar. Nog altijd heeft het Volkerak habitats die kenmerkend zijn voor intergetijdengebieden.  De invloed voor het ooit zilte milieu is nog goed zichtbaar op de laagst gelegen drooggevallen slikken en oeverranden. Pas sinds een kleine vijf jaar zien we in de natuurgebieden een verandering plaatsvinden. Langs kreken en oeverranden begint een moerasvegetatie te ontstaan. Riet, gele lis en moerasandijvie nemen steeds meer toe en de kale randen raken begroeid met een vegetatie die past bij het huidige zoete milieu. De invloed van het zout wordt alsmaar minder en minder. De hogere delen zijn al langer begroeid met gevarieerde ooibossen, met soorten als adelaarsvaren en grote keverorchis. De combinatie van zoete habitats en resten van zoute habitats maken het gebied zeer afwisselend. Door de verandering naar een zout meer verandert er aan de hogere delen vermoedelijk vrijwel niets. De oevers en laagste slikken zullen veranderen, maar of er sprake zal zijn van grote toename is te betwijfelen.

Zilte bak water
De combinatie van naast elkaar liggende zoete en zoute habitats is door verschillende natuurorganisaties als onnatuurlijk en vreemd afgeschetst. Het verzilten versterkt echter alleen maar deze situatie. Het verzilten van het Krammer-Volkerak is de slechte versie van het verlengen van de zeearm de Oosterschelde. Geen estuarium! ‘Kenmerken van’ maakt het Volkerak nog altijd geen estuarium. De invloed van dynamiek vanuit de zee en vanaf de rivier is door de aanleg van de deltawerken vernietigd. Het simpelweg creëren van een paar gaten in dammen verandert daar vrij weinig aan. De getijdeslag wordt dan wel deels hersteld, maar de harde zoet-zout scheiding schuift op van de Krammersluizen richting de Volkeraksluizen. Een open verbinding richting het Hollandsch Diep en het Haringvliet zou de oplossing zijn voor estuarien herstel en zou de enige echte voorkeursvariant moeten zijn voor natuurorganisaties. Het probleem is echter dat het ‘Kierbesluit’ er voor zorgt dat het herstel van een estuarium in de zuidelijke delta onmogelijk maakt. De belangen voor zoet water zijn in de noordelijke delta zo groot dat men hier het Volkerak voor opoffert. De druk van zoetwater op het Haringvliet en de Nieuwe waterweg moet blijven om de zouttong op afstand te houden. Ecologisch gezien is dit niet noodzakelijk en zou de hoofdstroom van het zoete water juist via het Haringvliet en Volkerak moeten lopen. Het belang van voldoende zoet water door de Rijnmond is echter groot.
Iedere natuurliefhebber droomt van de oude dynamiek. Een realistische kijk op de toekomst is echter noodzaak. Het gros van de natuurorganisaties heeft zich blind gestaard op het herstel van een dynamische delta. De stem van de natuur is echter in al deze deltaplannen zeer beperkt.  Wanneer men nuchter kijkt naar economische belangen en veiligheid, dan is een open delta totaal onrealistisch. Veiligheid, economie en Europese afspraken zijn de daadwerkelijke drijfveren achter al deze plannen. De huidige RGV is zeker geen stap dichter bij de zogenaamde stip aan de horizon.  De gebruiksfunctie voor de scheepsvaart is een zeer belangrijke factor in het Krammer-Volkerak. De huidige dynamiek is nog toelaatbaar voor de binnenvaart, maar een verder herstel van een natuurlijk estuarium zeker niet. Om voldoende zoet water door de noordelijke delta te kunnen laten stromen offert men het zoete Krammer-Volkerak op. De druk van zoet water op o.a. het ‘Kierbesluit’ moet namelijk maximaal zijn, omdat men vreest voor de oprukkende zouttong tijdens droge periodes. Een herstel van een estuarium in het stroomgebied Volkerak-Oosterschelde is onmogelijk. Dit brengt namelijk o.a. de zoetwatervoorziening in de noordelijke delta in gevaar en is in strijd met de afspraken met de binnenvaart.

Waterkwaliteit of Europees doel
Een andere reden om het door blauwalgen geteisterde Volkerak te verzilten zijn de KRW doelen. In de MER wordt niet voor niets gesproken over het ‘grotere kans van behalen doelen’ in plaats van verbeteren waterkwaliteit. De KRW-doelen voor zout water liggen veel lager dan voor zoet water. Dat is voor het Rijk dus een zorg minder. Toch nemen natuurorganisaties en RWS nog altijd verbetering van de waterkwaliteit en herstel estuarium in de mond. De waterkwaliteit gaat slechts ten dele en zeer beperkt vooruit door de verzilting. Het Volkerak is nu eenmaal vele malen voedselrijker dan de Oosterschelde. Door een gat in een dam te maken richting de Oosterschelde en zonder al te veel zoetwater druk vanuit de rivieren spoelt dit voedselrijke water echt niet weg. Bij de Volkeraksluizen worden ook in zilte variant problemen verwacht met zuurstofloosheid en blauwalgen. Dit zien we de laatste jaren ook goed nabij de Krammersluizen. De plek waar als eerste en heftigste blauwalgen tot bloei komen. Simpel genoeg omdat daar zout water lekt en het milieu instabiel is. In het zilte Krammer-Volkerak zullen plaagsoorten als zeesla en Japans bessenwier volgens vele een groot probleem gaan vormen. Niet het prachtige geschetste beeld met zeegras, daarvoor is het Volkerak veel te voedselrijk. In de MER wordt zelfs toegegeven dat de mosselkweek noodzakelijk is om de rol van de quaggamossel over te nemen. Zonder deze natuurlijke filters ontstaan enkel nieuwe – en in de eerste jaren grotere – problemen. Onzekerheden te over. En het geschetste duurzame en stabielere systeem wat zou moeten ontstaan? Navraag leert dat iedereen heel veel onzekerheden, uitdagingen en problemen verwacht.

Twee watersystemen, één structuurvisie!?
Ook de keuze om één structuurvisie voor (tegenwoordig) twee van elkaar losstaande systemen uit te brengen is opvallend. Navraag leert dat dit uiteindelijk een commerciële keuze is. De financiering moet namelijk grotendeels uit marktpartijen komen. Met twee grote rijkswateren vergroot men de regio en het aantal potentiele marktpartijen. De eerdere verbinding met de Grevelingen wordt nog wel geopperd, maar is allang geen serieuze optie meer. Dit was in eerste instantie wel de bedoeling, maar viel al snel af. Raadselachtig is ook waarom nu opeens wel een verbinding met de Oosterschelde mogelijk is. Ruim tien jaar geleden wilde niemand dit voedselrijke water in de Oosterschelde hebben. Het gebrek aan voedsel voor de mosselkweek opent deuren zo blijkt.
Natuurorganisaties spelen een ondergeschikte rol in het hele proces. Ze worden erbij betrokken vanwege hun belang, grondgebruik en de wetgeving, maar hun invloed is minimaal. Dat ze zich laten zoethouden met dit plan is dan ook eigenlijk te vreemd voor woorden. De lobby in Den Haag is niets meer dan een wassen neus. Het huidige plan wankelt aan alle kanten en de geschetste positivisme lijkt een wanhopige poging om ons het droombeeld van de toekomst voor ogen te laten houden. Een droombeeld dat in de praktijk onrealistisch zal blijken te zijn. We hoopten op een herstel van het Volkerak met een natuurlijke dynamiek. We krijgen een verlenging van de Oosterschelde, waar zowel de Oosterschelde als het Krammer-Volkerak op achteruit gaan. Een zoute bak water met nieuwe problematiek. Geen duurzame oplossing, maar een middeltje om de KRW-doelen te halen en voldoende zoet water door de noordelijke delta te kunnen laten lopen.

Gezichtsverlies
Het idealisme moet gaan plaatsmaken voor realisme. De bever en de zeehond gaan elkaar in het nieuwe Volkerak niet ontmoeten, elke veldecoloog weet dit. Toch vond natuurmonumenten het nodig om deze droom in te zetten in een laatste wanhopige poging de verzilting te promoten. (zie: https://www.natuurmonumenten.nl/in-een-zout-volkerak-geven-bever-en-zeehond-elkaar-een-knipoog). De hele gang van zaken is even betreurenswaardig als inhoudsloos. Het geeft keihard weer waar het aan schort bij enkele natuurorganisaties: ecologische kennis!
Huidige keuze voor een zilt Volkerak is enkel een politieke keuze en een voor natuurorganisaties politiek correcte keuze. Het gezichtsverlies zou te groot zijn voor de natuurorganisaties. Maar hetgeen zij willen (een estuarium) dat komt er niet. Alle kansen die worden geschetst voor zoutwaterleven zijn zeer onzeker. Dat dit een stap is naar een open dynamische delta is zeer onrealistisch.

Rust, voedsel en ruimte!
Het huidige Volkerak kon zich dankzij de aanwezigheid van blauwalgen en het daarbij horende negativisme onder recreatieve ondernemers in alle rust ontwikkelen. Het Volkerak is uniek door zijn relatieve rust. Buiten de drukke vaargeul is het water rustig. Waar nu duizenden watervogels rustig kunnen slapen, ruien en foerageren liggen in de toekomst velden voor de mosselkweek en allerlei recreatieve functies gepland. Het belang van de scheepsvaart op het Volkerak gaat de komende jaren sterk groeien, met of zonder zout. Nu gebruiken watervogels het meer een jaar rond. Zal dit met de toenemende gebruiksfuncties zo blijven? Het valt te betwijfelen. Het areaal rustig water voor watervogels neemt vermoedelijk zeer sterk af. Het voedsel voor de zeearend en soorten als grote zilverreiger neemt de eerste jaren sowieso sterk af. Ecologen schatten in dat tegen de tijd dat het Volkerak zout zou moeten worden er al meerdere paren zeearenden in het gebied tot broeden komen. De kans dat deze vertrekken na deze enorme aanpassing is aannemelijk. Voedsel en rust zijn voor deze en andere soorten essentieel.

Een breed maatschappelijk belang is nog maar zelden goed samengegaan met een robuust ecologisch belang. Zeker gezien de huidige plannen en belangen van externe financierders worden de ecologische belangen het kind van de rekening. Het is dan ook een raadsel dat natuurorganisaties deze gang van zaken prijzen, zeker gezien het voorkomen van een aantal zeer kwetsbare en voor verstoring gevoelige soorten in het zoete Volkerak. Het wordt tijd dat de natuurorganisaties bewust worden van de nadelige gevolgen en onzekerheden van de verzilting. Laten zij daarom op z’n minst zeer kritisch zijn tegenover de huidige plannen. Maak een ecologische keuze en kies niet voor een gekunstelde verlegging van het probleem. Er is geen enkele reden om te juichen voor verzilting.
De huidige situatie is mogelijk ook instabiel en onzeker, maar er is momenteel een zichtbaar positieve trend waarneembaar. We weten wat we nu hebben, we zien de ontwikkeling, maar we weten zeker niet wat het ons zal brengen. Nog minder weten we dat bij verzilting en tel daar alle andere nieuwe bedreigingen voor rust en natuur bij op. Kies voor een estuarium of kies voor aanpak van de bron van blauwalgplagen in het zoete systeem.

De soorten die elkaar zeker een knipoog  zullen geven in een verzilt Volkerak zijn de Japanse oester en Japans bessenwier. Dan toch liever die quaggamossel!

Een natuurliefhebber/deskundige

 


Boekenlegger op de permalink.

2 Comments

  1. Als je in de vroege zomer in de Dintelse Gorzen gaat wandelen dan kan je daar NU meerdere soorten orchis aantreffen en de Jacobsvlinder. (zwart met rode stippen) Begrazing door de runderen aldaar doet de diversiteit toenemen. Dit is bijna al te vergelijken met de Oostvaardersplassen ook een mooi natuurgebied.
    Geld weggooien door dit gebied te veranderen is een typische mentaliteit van bestuurders die gestuurd worden door hun politieke keuze. Als je volksvertegenwoordiger bent dan is je eerste taak het volk te vertegenwoordigen en niet je politieke keuze.
    Belangen behartiging van economische politieke invoeden is geen democratie.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

vijftien − een =