LEREN

 

| 26-05-2015 | 9:00 uur |


 

LEREN

 

mosesAls waterschapsbestuurder en als gemeenteraadslid bezoek ik vaak lezingen en symposia om te leren van de goede voorbeelden en denkwerelden van anderen. Zo bezocht ik vrijdag 22 mei de PAL lezing (Provinciale Adviescommissie Leefomgevingskwaliteit Zuid-Holland) in het provinciehuis van Zuid-Holland.

Dit keer gingen de lezingen over ruimtelijke kwaliteit. In de lezing Abe Veenstra kwamen tal van voorbeelden voorbij en werden adviezen gegeven hoe ruimtelijke kwaliteit vorm gegeven kan worden bij projecten in de openbare ruimte.

Voor mij, als Bergenaar, was het leuk dat de Mosesbrug gepresenteerd werd als goed voorbeeld van hoe een ontwerp van een brug kan bijdrage aan de kwaliteit van het vormgeven in de openbare ruimte. Voor mij als waterschapsbestuurder was het mooi dat het project Ruimte voor de Rivier, met als één van de projecten de rivier verruiming Overdiepsepolder werd genoemd als een project waarbij kwaliteitsteams meedachten en het project begeleidden om ook het begrip ruimtelijke kwaliteit een plaats te geven in het denken over en realiseren van een project.

De lezing van Michel Heesen richtte zich op ruimte en mobiliteit. Het trof mij in zijn verhaal  dat er sinds de tijd van Cornelis Lely zoveel veranderd is. Toen in 1915 er wegen werden aangelegd gebeurde dat volledig binnen de bouwdienst van Rijkswaterstaat. En als het ging over de inpassing van wegen in het landschap werd Staatsbosbeheer ingeschakeld. Toen was het: overheid ontwerpt, aannemer bouwt. Nu is het: de overheid als manager, en risico en ontwerp bij aannemer. Met alle risico’s van dien. Denk aan wat er nu gebeurt bij de verbreding van de A15 bij Europoort. Ruimtelijke kwaliteit lijkt nu een ondergeschoven kindje. Het wordt hooguit gecamoufleerd met een beeldkwaliteitsplan. Maar kijk je naar de gekozen aanlegmotto’s in Zuid-Holland: “niet horen, niet ruiken en niet zien” voor de laagste prijs, dan is ruimtelijk kwaliteit in de weegfactoren bij de aanbesteding nauwelijks ter zake doende. Dit heeft tot gevolg dat we tussen muren van beton en glas rijden. Geen landschap of stedelijke uitzichten meer ervaren, maar kunnen ‘genieten’ van vervuilde graffiti. Wat mij betreft komt de tijd van Lely snel terug. Het wachten is op nog een aantal debacles zoals de A15 en het inzicht dat ruimtelijke kwaliteit iets anders is dan “niet horen, niet ruiken en niet zien”.

Louis van der Kallen

 


(NATTE/ZOUTE) DROOM OF NACHTMERRIE – 31: TEGENSTRIJDIGHEDEN

 

| 16-05-2015 | 10:40 uur |


 

(NATTE/ZOUTE) DROOM OF NACHTMERRIE – 31: TEGENSTRIJDIGHEDEN

 

zoet waterDe landsregering heeft de “ontwerp-rijksstructuurvisie Grevelingen en Volkerak-Zoommeer” vastgesteld en daarmee het voornemen kenbaar gemaakt een beperkt getij terug te brengen in het Volkerak-Zoommeer en deze wateren op termijn te verzilten. 

Soms publiceert  Rijkswaterstaat artikelen waarvan je denkt: en hoe rijmt dit nu met het besluit het Volkerak-Zoommeer te verzilten. Zo ook het artikel watertekort-en-zoetwatervoorziening, dat te vinden is op een website van de Rijksoverheid. Opzettelijk iets gaan verzilten, terwijl je weet dat zoet water in de wereld, maar ook in Nederland, een kostbaar goed is waar zuinig mee moet worden omgegaan.

De commissie waterbeheer 21e eeuw onder leiding van de oud-gedeputeerde Tielrooij besteedde daar reeds aandacht aan. In het rapport van die commissie van augustus 2000 is te lezen: “Specifiek voor Laag Nederland speelt het probleem van de verzilting. Door de zeespiegelstijging en de bodemdaling neemt de verzilting toe in de lage polders langs de kust in Zuidwest-Nederland, achter de Hollandse duinenrij, in de Wieringermeer en Noord-Nederland. Dit zal consequenties hebben voor het grondgebruik, met name voor landbouw en natuur. Door toenemende verzilting en drogere zomers zal de vraag naar zoet water voor doorspoeling en beregening in West-Nederland toenemen. De aanvoer van zoet water in de zomer zal echter juist afnemen. In Zuidwest-Nederland, de Wieringermeer en in de droogmakerijen zal de beschikbaarheid van zoet water in toenemende mate een knelpunt worden voor de daar aanwezige glastuinbouw, vollegrondstuinbouw, bollenteelt en ook de akkerbouw. De commissie wil daarom aandringen op het aanleggen van zoetwatervoorraden binnen de regio’s ”!!

Hoe tegenstrijdig mag de overheid zijn?

Louis van der Kallen

 


(NATTE/ZOUTE) DROOM OF NACHTMERRIE – 30: TUSSENSTAND PETITIE 4

 

| 09-05-2015 | 10:40 uur |


 

(NATTE/ZOUTE) DROOM OF NACHTMERRIE – 30: TUSSENSTAND PETITIE 4

 

JH Schapenput 240411-130aDe landsregering heeft de “ontwerp-rijksstructuurvisie Grevelingen en Volkerak-Zoommeer” vastgesteld en daarmee het voornemen kenbaar gemaakt een beperkt getij terug te brengen in het Volkerak-Zoommeer en deze wateren op termijn te verzilten.   

Op 14 oktober 2014 zijn wij de petitie “STOP DE VERZILTING VAN HET VOLKERAK-ZOOMMEER” gestart. Op 1 mei 2015 hadden 978 mensen deze ondertekend.
Tot 1 mei 2015 werden er bij de petitie 104 opmerkingen gemaakt die vrijwel allen de wens tot zoet blijven van het Volkerak-Zoommeer onderschreven c.q. motiveerden. Wij zullen de komende tijd een aantal van de opmerkingen via deze website onder uw aandacht brengen. 

16 oktober 2014
“Een besluit wat een doodsteek voor de regio zal zijn qua toerisme en waterrecreatie. Doodzonde van dit prachtige water waar ik graag 1.5 uur voor in de auto zit.” 

16 oktober 2014
“Het is van het grootste belang dat deze unieke zoetwater biotoop bewaard blijft waardoor ook de toekomstige generatie mag genieten van de exceptionele vissport waarvan wij thans momenteel mogen genieten!” 

16 oktober 2014
“Dit is typisch een geval van verspilling van gemeenschapsgelden en afbraak van een prachtig natuurlijk gebied met alle flora en fauna, zowel onder als boven water. De problematiek die er in het verleden was is er niet meer, maar wordt nog steeds gebruikt om dit oliedomme plan door te drukken. Dat dit gebied enige betekenis zou krijgen voor toerisme, watersport of beroepsmatige teelt van mossels en/of oesters is onzinnig! Deze wateren hebben 0,0 voorzieningen voor toerisme en recreatie en zijn zeer druk bevaren door zware beroepsvaart. De andere wateren in die regio die zilt zijn tonen nagenoeg geen tekenen van leven en zijn stinkende dode plassen. Dat is waar ook deze wateren in zullen veranderen! Echt zout water van zee zal nooit deze doodlopende wateren bereiken. Deze wateren zullen bestaan uit viezig brakkig stikkend water…… Daarnaast lijkt het of men structureel bezig is de sportvisserij branche de nek om te draaien door de vismogelijkheden in de regio te vernietigen, de visserij in het Hollandsdiep en Haringvliet wordt op dit moment vernietigd door een kleine groep beroepsvissers die op korte termijn alle vis oogst die daar zwemt. Dure projecten om zalmen, steuren e.d. te herintroduceren ten spijt. Deze gaan kapot aan quota loze beroepsvisserij. Aan de ene kant worden miljoenen gepompt om de natuur beter te maken, maar deze honderden miljoenen hebben alleen een vernietigende werking!” 

17 oktober 2014
“Als ligplaatshouder in de Schapenput ontmoet ik in het vaarseizoen veel passanten die de Schapenput aandoen. De reacties over de haven, met zijn hele mooie en goede faciliteiten maar ook het prachtige vaargebied zijn altijd zeer positief. Zelf neem ik vaak gasten mee om voor een dag op het Volkerak mee te varen. Het zou eeuwig zonde zijn dit prachtige gebied met zijn zeer grote diversiteit aan leven, weer om zeep te helpen. Jammer, jammer, jammer.”

Louis van der Kallen

 


(NATTE/ZOUTE) DROOM OF NACHTMERRIE – 29: GROTE LEUGENS

 

| 03-05-2015 | 11:30 uur |


 

(NATTE/ZOUTE) DROOM OF NACHTMERRIE – 29: GROTE LEUGENS

  

oestersDe landsregering heeft de “ontwerp-rijksstructuurvisie Grevelingen en Volkerak-Zoommeer” vastgesteld en daarmee het voornemen kenbaar gemaakt een beperkt getij terug te brengen in het Volkerak-Zoommeer en deze wateren op termijn te verzilten.   

In het kader van het schriftelijk overleg over de ontwerp-rijksstructuurvisie hebben Tweede Kamer fracties aanvullende schriftelijke vragen gesteld, die door de Minister van Infrastructuur en Milieu, Schultz van Haegen, aanvullend zijn op 9 maart 2015 beantwoord

Soms denk je: waar halen ze het vandaan! Zouden rechtgeaarde parlementariërs de antwoorden van de minister geloven of nemen ze het voor zoete koek aan, omdat de minister van dezelfde club (de VVD) is?

Zo vroeg de VVD zich af of na het verzilten er extra betaald zou moeten worden voor zoet water?

De minister stelde: “Op voorhand kan niet worden uitgesloten dat de prijzen voor zoet water in de toekomst zullen stijgen.” In het antwoord wordt tevens herhaald dat de leverzekerheid zal stijgen en er een betere kwaliteit beschikbaar komt. In Natte 5 ben ik op deze fabel al in gegaan: niks verbetering van de leverzekerheid en alleen een kwaliteitsverbetering ten aanzien van het chloridegehalte, maar ook een verhoogde kans op bruinrot. Voor de gemiddelde (poot)aardappelteler een regelrechte nachtmerrie.

In het antwoord betoogt de minister dat op basis van de hogere leverzekerheid en de betere kwaliteit voor de landbouw “jaarlijks circa 86 miljoen euro aan extra baten zijn berekend”. Zij en haar ambtenaren moeten wel een hele dikke duim hebben om in deze extra opbrengst te geloven.

Wat de dikke duim overstijgt is het ministeriële antwoord op het VVD verzoek de “nieuwe inkomsten van de Rijksoverheid via bijvoorbeeld de afdracht van visserijrechten of de waarde van Rijksvastgoed te kwantificeren”.

Het antwoord: “Eventuele nieuwe inkomsten voor het rijk zijn door zo veel onzekerheden omgeven dat deze niet te kwantificeren zijn. Vooralsnog zijn geen andere nieuwe rijksinkomsten voorzien dan de in de vraag genoemde voorbeelden.”

In Natte 19 heb ik geschreven over het rapport “Verdienpotentieel zout-Volkerak-Zoommeer” van Royal Haskoning. Dit rapport laat zien dat verzilting een groot voordeel betekent voor de schelpdierenteelt en daardoor ook voor de verpachter: het Rijk. In dit rapport worden de extra inkomsten van het Rijk en de besparingen, zoals het niet meer hoeven bouwen van een derde kolk bij de Krammersluizen, keurig gekwantificeerd (de besparing voor het Rijk van onder andere de derde kolk is 74 miljoen). Hoezo de opbrengsten en besparingen niet kunnen kwantificeren? Voor mij een dikke leugen. 

Louis van der Kallen