
In il partigiano 58 citeerde ik reeds uit “Het oorkondenboek van Noord-Brabant” (van H.P.H. Camps), mede om aan te tonen dat er ruim voor 1300 al een omslagstelsel bestond waarbij gold: hoe omvangrijker het grondbezit of het profijt ervan, hoe hoger de bijdrage! Er was dus toen al sprake van een waterschapachtige organisatie met een regeling inzake de kostentoedeling.
Uit een oorkonde d.d. 18 oktober 1303 blijkt dat de hertog Jan II van Brabant betrokken is bij de aanleg van een ‘weteringe’ (watergang). Vermoedelijk de watergang die nu nog steeds de naam “Hertogswetering” draagt.
Oss droeg veel van de aanlegkosten maar het project bleek duurder dan gedacht (ook dat lijkt van alle tijden). Om zijn onderdanen tegemoet te komen gaf de hertog in die acte toestemming de inkomsten van hun ‘gement’ te gebruiken. In de acte komt ook het woord ‘hoefslag’ voor. Dat is een begrip dat in oud waterschapsrecht duidt op een al bestaande verdeling van de kosten van de aanleg en onderhoud van de wetering. De eigenaren van hoeven of hofsteden betaalden er dus ook aan mee.

il partigiano