Wie gaat erover en wie niet? Dat is een vraag die overheden nog wel eens bezighoudt. Soms is het louter een discussie over macht. Soms over belangen en soms over het ‘wie zal dat betalen?’.
Nu zijn de taken veelal bij wet geregeld, maar vroeger was dat minder duidelijk. Hoewel het ‘belang, betaling, zeggenschap’ bij de waterschappen een adagium is, dat, al heel lang meegaat, hoewel het aan erosie onderhevig is.
In 1496 was er in Alem een waterschapje met een college van schout en zeven heemraden. De benoeming geschiedde door de heer van Alem en de abt van Sint-Truiden. Maar er was een voorloper zo blijkt uit een handvest van Hertog Jan III voor Laag Hemaal van 2 september 1349. Ook hierin werd een college met zeven heemraden ingesteld. De drie dorpen waren dus ingekaderd in één streekwaterschapje. Maar deze heemraden werden niet benoemd maar gekozen. Drie door de inwoners van Kessel, drie door de inwoners van Maren en slechts één door de inwoners van Alem.
Wat il partigiano opvalt – met de ogen van een waterschapbestuurder anno 2023 – is onder andere de bepaling waarin alleen aan de heemraden de zorg wordt toevertrouwd over de dijken, watergangen en sluizen en aan “nyemants anders“. Dat kon de heer van Alem alvast maar tussen zijn oren knopen.
Hertog Jan III had een goed voorgevoel. Want in 1378 beriepen de heer van Alem en de abt van Sint-Truiden zich op het feit, dat zij niet gekend waren geweest bij de opstelling van het handvest van 1349. Terwijl de abt voor 2/3 eigenaar was van de heerlijkheid Alem en de hertog van Brabant slechts voor 1/3! Competentiestrijd was er toen ook!
De hertog was, qua democratische insteek, zijn tijd ver vooruit. Dat bleek ook uit de laatste bepaling van het handvest waarin zelfs sprake is van meerderheidsbeslissingen: “Alzoe wat de vier heemraden van de voirgenoemde seven heemraden in den voirgenoemden dingen ofte in eenich daeraff voir recht vort brengen eendrechtelyck ende wijsen vonnissen, willen wij dat vast ende bequaeme blijve sonder eenich wederseggen. Ende dat dat een euwighe vaste ende voir een vaste ende ongequetste recht ende gerechticheyt behouden.” Democratie in de 14e eeuw! Jan was een hertog naar mijn hart.
Anno 2023 zijn de ‘hertogen’, nu gedeputeerden geheten, soms iets minder democratisch dan hertog Jan en willen ze dat de waterschappen naar de letter het beleid van de provincie uitvoeren/vormgeven.
Maar als het om het waterschap Brabantse Delta gaat zal ik de huidige representanten van de provincie herinneren aan de woorden van Jan III. Het Algemeen Bestuur gaat over de uitvoering en “nyemants anders“.
il partigiano