Het waterschap Brabantse Delta noemen we wel eens Nederland in het klein. Het bevat alle landschapstypen die ons land kent. Van de lage zeekleigebieden tot de hoge zandgronden.
Kenmerkend is de ‘Naad van Brabant’, het overgangsgebied van de ‘lage’ kleigebieden naar de zandgronden, die als het ware het waterschap in tweeën snijdt. Als gevolg van stuifzanden ontstond een lang smal gebied met ‘duinen’ dat vanaf de Brabantse Wal naar het noorden loopt en bij het Halters Laag afbuigt in noordoostelijke richting. Veel stedelijke ontwikkeling vond plaats op deze Naad van Brabant (Bergen op Zoom, Roosendaal, Breda, Waalwijk, ‘s-Hertogenbosch en verder).
Belangrijke duinresten zijn de Brabantse Wal en de Loonse en Drunense duinen. Maar ook kleinere elementen zijn de moeite waarde om qua waterbeheer te benoemen. Onder andere het Teteringse bos, het Cadettenkamp (ook nabij Teteringen) en de Seterse Bergen (ten oosten van Oosterhout).
Het zijn stuk voor stuk gebieden die een specifiek waterbeheer rechtvaardigen om de gebiedseigen kwaliteiten en natuur te behouden.
il partigiano