Bergen op Zoom, 23 april 2026
Aan het Dagelijks Bestuur van
het Waterschap Brabantse Delta
Per e-mail
Betreft: artikel 74 RvO, inzake Internationalesamenwerking, ons kenmerk LK/26001
Geachte Dagelijks bestuur,
Gelezen in Ars Aequi van mei 1999 het artikel “Europees waterbeleid en de lokale overheid van mr. G.R.M. van Dijk en mr. H.J.M. Havekes waarin het waterbeheer vanuit een Europees perspectief werd benaderd. Gecombineerd met de bijeenkomst van gisteravond over de KRW kwam de behoefte op het onderstaande onder uw aandacht te brengen c.q. enkele vragen in dit kader te formuleren.
In het onderhavige artikel werd vermeld de Benelux-Overeenkomst inzake grensoverschrijdende samenwerking tussen territoriale samenwerkingsverbanden of autoriteiten, tot stand gekomen te Brussel d.d. 12-09-1986, inwerking getreden 1 april 1991, en vervallen per 01-01-2019
Artikel 1 luidde:
- De onderhavige Overeenkomst is van toepassing op onderstaande territoriale samenwerkingsverbanden of autoriteiten:
- in België: provincies, gemeenten, verenigingen van gemeenten, openbare centra voor maatschappelijk welzijn, polders en wateringen;
- in Luxemburg: gemeenten, gemeentelijke syndicaten en onder gemeentelijk toezicht geplaatste openbare instellingen;
- in Nederland: provincies, gemeenten, waterschappen en openbare lichamen, bedoeld in de Wet gemeenschappelijke regelingen (Stb. 1984, 669) voor zover daartoe in de regeling ingevolge voornoemde wet bevoegd verklaard.
Dus waterschappen vallen onder deze Benelux-Overeenkomst!
Deze overeenkomst is grotendeels vervangen door het Benelux-verdrag-van-2014-inzake-grensoverschrijdenden-interterritorialesamenwerking.
Enkele citaten uit dit verdrag:
- “Dit Verdrag inzake grensoverschrijdende en interterritoriale samenwerking is op 20 februari 2014 te ’s-Gravenhage in het kader van de Benelux tot stand gekomen. Op basis van het Verdrag kunnen de Benelux-landen, al hun overheden en al hun publieke instellingen, voor hun grensoverschrijdende en interterritoriale samenwerking en samenwerkingsverbanden aangaan.”
- “Met dit nieuwe Verdrag beogen de Benelux-landen, net als in 1986, opnieuw de voorhoede te vormen in de bevordering van grensoverschrijdende en interterritoriale samenwerking van overheden en van publiekrechtelijke instellingen.”
Vanaf de inwerkingtreding per 1 april 1991 van de “Benelux-Overeenkomst inzake grensoverschrijdende samenwerking tussen territoriale samenwerkingsverbanden of autoriteiten” is het feitelijk mogelijke grensoverschrijdende openbare lichamen zoals interrerritiriale waterschappen in te stellen met de toekenning van de gewenste en noodzakelijke bevoegdheden alsmede hun bestuur te regelen om doelstellingen zoals geformuleerd in de KRW te realiseren.
Het latere “Verdrag inzake grensoverschrijdende en interterritoriale samenwerking” biedt, in mijn ogen zelfs meer mogelijkheden. Dit is zeker wenselijk om ooit de doelstellingen van de KRW binnen bereik te brengen.
Ik besef dat onze zuiderburen nog niet in het bezit zijn van een waterschapstructuur als de Nederlandse. Maar ook de bestaande bekkencomités, polders en waterkringen bieden, naar de inzichten van de fractie van Ons Water mogelijkheden. Het wordt tijd voor internationale waterschappen om op stroomgebiedsniveau tot een effectieve aan pak van de