Toen ik het ‘coalitieakkoord’ van Waterschap Brabantse Delta (2023-2027) doorbladerde was mijn eerst reactie: is dit wel een document van het waterschap Brabantse Delta? Tien foto’s, slechts één van de bebouwde kom. Terwijl meer dan 97 % van onze bevolking binnen ons waterschap IN een dorp of stad woont!
Toen ik er even voor ging zitten en met een loep de foto’s bekeek, telde ik op die foto’s 18 mensen en 26 koeien. Maar dat was nog een ‘mooie’ verhouding. Als je de website van de Brabants Delta opent is de eerste foto die je ziet er een met twee mensen op de fiets en vijftien koeien, en nog veel meer gras!
De foto’s in het ‘coalitieakkoord’ laten een waterschap zien dat alleen grasland lijkt te kennen. Terwijl de werkelijkheid is dat de kleigebieden van ons waterschap gekenmerkt worden door akkerland en de zandgebieden door bossen en natuur afgewisseld met landbouw.
Op de foto’s ontbreken niet alleen de akkerbouwpercelen maar ook de industrie is afwezig. Gras, gras en nog eens gras. De foto’s vertellen niet het werkelijke verhaal. Wat zegt dat over de inhoud van het coalitieprogramma? Zijn de foto’s een indicatie van onze toekomst? Komen de koeien van de Randstad (het Groene Hart) naar ons mooie akkerland, ons open landschap? Zijn koeien voor deze coalitiepartijen belangrijker dan mensen? Waar is er nog wel plaats voor iets anders dan grasland?
Deze partizaan en Ons Water koesteren wel onze natuurgebieden, onze bossen, onze industrie, onze bedrijven, onze akkerbouwers, andere gewassen dan gras zoals onze Brabantse boomteelt of aardbeien, asperges en potaardappelen stuk voor stuk topproducten, maar ook onze inwoners, onze dorpen en steden! Kortom er is meer te zien in ons mooie West-Brabant en te beschermen dan gras en koeien!
De afgelopen week woonde ik een presentatie bij van de Provinciale Adviescommissie Leefomgevingskwaliteit (PAL). De PAL is een onafhankelijke commissie van externe deskundigen. Zij adviseert Gedeputeerde Staten en Provinciale Staten van Zuid-Holland over onderwerpen die van invloed zijn op de kwaliteit van de leefomgeving (milieu, groen, water, ruimte, mobiliteit en economie). Dit keer ging het over de toekomst van de kustverdediging.
De zeespiegelstijging stelt steeds grotere eisen aan hoe we de verdediging tegen het (zee-)water organiseren en inhoud geven. Eén van de plaatjes (zie foto) laat zien wat de toenemende druk van het water vanuit zee kan betekenen wanneer we niets (of te weinig) zouden doen aan de verdediging van onder andere de Hollandse kustboog.
Een kernadvies was: ontwikkel hoog Nederland! Verplaats een belangrijk deel van wat we de komende decennia van plan zijn te bouwen naar de hoge zandgronden in Oost- en Zuid-Nederland.
Een ander belangrijk effect van de stijgende zeespiegel en de noodzaak ons voor te bereiden op de noodzakelijke gevolgen daarvan was het van kleur laten verschieten van het landschap achter de dijken en de duinen. Het Groene Hart zal en moet een blauw hart worden (zie de foto).
Al die noodzakelijke veranderingen zullen vanaf nu gevolgen moeten hebben voor de inrichting van ons land en de werkzaamheden van de waterschappen in heel ons land. Als de landsregering haar eigen voornemen – geformuleerd in de Kamerbrief van 25 november 2022 – “water en bodem sturend” (over de rol van water en de bodem bij toekomstige besluitvorming over ruimtelijke ordening) serieus neemt, dan zal er veel moeten veranderen in het werk van de waterschappen! Aan het werk dus!
Wilt u op de hoogte blijven van de geschriften van il partigiano like dan de pagina II partigiano 22/11 op facebook. Dan mist u niks.
Vandaag (20 mei) in de NRC een artikel over het nieuwste boek van Petra Possel over de ansjovis. Eén van de drie zuilen onder de Bergse culinaire traditie van de drie A’s (Aardbei, Ansjovis en Asperge).
Petra Possel verhaalt haar zoektocht van Makkum naar Monterosso en komt ook langs op een soort ‘begrafenis’ in Bergen op Zoom. Met een dagvangst van 370 gram en een litanie van mogelijke oorzaken. Haar beleving: “alleen de cake ontbreekt”.
Arm Bergen op Zoom. Gaan we nu net als de restaurateurs in Collioure (Frankrijk) voor de AAA de ansjovis A nu uit Argentinië halen? Ondertussen is de laatste Bergse ansjovisvisser in 2024 gestopt.
Of gaan we werkelijk werken aan de oorzaken van de achteruitgang van dat lekkere beestje in onze wateren. Zoals de waterkwaliteit in de Ooster Schelde.
Wilt u op de hoogte blijven van de geschriften van il partigiano like dan de pagina II partigiano 22/11 op facebook. Dan mist u niks.
Onderstaande mail verzond ik naar de politiek leider van de BBB in het waterschap Brabantse Delta die ik ook ken als gewaardeerd collega in de Bergse gemeenteraad. Het is een reactie naar aanleiding van het gesloten coalitieakkoord (BBB, VVD, West-Brabant WaterBreed, Water Natuurlijk en het geborgde Ongebouwd (de agrariërs).
Met zorgen en in frustratie kijk ik terug op het proces dat geleid heeft tot het coalitieakkoord en geef ik een analyse van de mogelijke gevolgen. Ik zie geen balans. Al bladerend door het stuk krijg je alleen al op basis van de foto’s de indruk dat het werkgebied van de Brabantse Delta alleen bestaat uit boerenland. Ik zie geen balans tussen de taken en belangen van het waterschap en al haar inwoners en belangengroepen. Op basis van de foto’s lijkt het waterschap gelegen te zijn in het Groene Hart van Zuid-Holland. Wel koeien en gras, geen bossen, geen open akkerland. En waar de ruim 840.000 mensen wonen is een raadsel!
Beste Rian,
Ik heb met interesse kennis genomen van het document “Water verbindt ons- Coalitieakkoord WBD 2023-2027”. Een “coalitieakkoord”, dat is het ook! Het is in ieder geval geen bestuursakkoord.
“Onze waterdoelen noodzaken tot vernieuwende samenwerking, ondernemerschap en innovatie” is een prachtige subtitel, maar de door mij tijdens het proces van de totstandkoming van dit “coalitieakkoord” ervaren daden geven mij een heel ander gevoel. Er is niet samengewerkt, althans niet met de niet-coalitiegenoten. Dat is zoals ik het ervaren heb. Er heeft een omschakeling plaatsgevonden van wij naar zij. Van een coöperatieve opstelling naar machtsdenken.
Na jouw woorden “dat gaan wij doen” (vergadering algemeen bestuur van 18 april 2023) is de bestuurscultuur binnen het waterschap Brabantse Delta veranderd. Het gebruik van het woord coalitieakkoord is daar de bevestiging van.
Er is totaal gebroken met de samenwerking zoals ik die in mijn dertigjarige ervaring bij en in alle waterschappen waarin ik bestuurlijk heb mogen dienen (Waterschap Zoomvliet, Hoogheemraadschap Westelijk Noord-Brabant, Waterschap Scheldekwartier, Zuiveringsschap Rivierenland, Hoogheemraadschap Alm en Biesbosch, Waterschap Rivierenland, Waterschap Rijn en IJssel en Waterschap Brabantse Delta) heb mogen ervaren.
Steeds werd na de verkiezingen gesproken met alle fracties en categorieën om te komen tot een bestuursakkoord. Van de in het AB aanwezige kennis en ervaring – buiten de beoogde coalitiepartners om – is naar mijn gevoel geen gebruik gemaakt. Jammer, een gemiste kans.
Ondernemerschap zit er zeker in. Maar wel uitsluitend agrarisch ondernemerschap. Niet onlogisch als minimaal vier van de beoogde DB leden agrarische ondernemers zijn. Ze hebben alle vijf ervaringen met mest. Van kunstmest, via drijfmest tot paardenmest.
Wat ik bijna stuitend vind is het bijkans totaal ontbreken van het stedelijk gebied. Kijk als voorbeeld eens naar de tien foto’s. Slechts één van de tien heeft een stedelijk karakter. Niet onlogisch als je beseft dat de vijf beoogde DB-leden allen in het buitengebied wonen of in het overgangsgebied (tussen dorp en buitengebied).
Als persoon en als vertegenwoordiger van Ons Water voel ik mij buitengesloten. Geen deelgenoot van een stuk waar in de subtitel samenwerking wordt genoemd als drager van dit coalitieakkoord. Deels veronderstel ik onbedoeld. Maar als je mijn stukjes op Facebook onder Studio 578 – ondertekend met il partigiano (de partizaan) – zou hebben gelezen, kan je weten hoe mijn gevoelens en gedachten zijn.
Mijn mooie waterschap Brabantse Delta is qua bestuurscultuur aan het afglijden naar de bestuurscultuur van de Hollandse Delta, de risee van de Nederlandse waterschapswereld. Dat doet pijn! Voor de verkiezingen was dit al mijn grootste zorg en die heb ik voorafgaand aan 15 maart 2023 ook met jou gedeeld. Ik besef dat alles politieker is geworden. Dat het zo politiek is geworden dat men feitelijk niet meer overlegt over de inhoud die tot nu toe gezamenlijk was, vind ik verbijsterend.
Mijn afkeer van verkenners en informateurs is je reeds lang bekend. Deze ervaring heeft die afkeer verstrekt, want mede door de keuze van dit traject is gebeurd wat er is gebeurd. Na de wat mij betreft gemankeerde verkenning is de informatieperiode – op een enkel mailtje na – geheel gericht geweest op de ‘coalitiepartijen’. Geen reactie op de mail, geen gesprek, NIETS van dat alles. Van de formateurs heb ik ook niets gehoord. Een gemiste kans.
Ik maak mij niet alleen grote zorgen over de nieuwe bestuurscultuur maar ook over de inhoud, waarbij ik niet alleen de foto’s als maat der dingen neem. Ik neem kennis van het “COALITIEAKKOORD”. Ik zal het niet ondertekenen noch steunen. Het is de nieuwe realiteit.
Vroeger was er de gezamenlijkheid, de ééndracht die het waterschapsbestuur zo uniek maakte. Die is nu weg. Ik ga mijn vrijheid – met pijn in het hart – koesteren. Geen DB-lid, geen ondertekenaar van een bestuursakkoord, geen deel uitmaken van een fractie die het akkoord wel heeft ondertekend betekent voor mij dat ik als AB-lid bestuurlijk in een politieke wereld ben aangeland.
Ik mag en zal – tegen wil en dank – il partigiano zijn.
Ten slotte maak ik mij grote zorgen over de toekomst van de waterschappen als zelfstandige overheid. Dit “COALITIETAKKOORD” van de deelnemers in deze gelegenheidscoalitie is naar mijn stellige overtuiging een stap in een richting waar de Kaagen en Boelhouwers van deze wereld op zitten te wachten, om eerst de resterende geborgde zetels te elimineren en uiteindelijk de waterschappen op te heffen. Ik heb mijn zorgen verwoord in il partigiano 2 (waterschappen in aftakeling; te vinden op de facebook pagina II partigiano 22/11).
Beste Rian succes met de samenwerking in je coalitie.
Mijn waterschap Brabantse Delta is hard op weg bestuurlijk het slechte voorbeeld van waterschap Hollandse Delta te volgen. Als mijn informatie klopt zijn er op 31 mei dertien kandidaten voor het Dagelijks Bestuur en misschien ben ik dan nog niet compleet, dit alles nog voordat de functieprofielen of gewenste deskundigheden zijn geformuleerd en gepubliceerd. In het betoog van ondergetekende op de AB vergadering van 18 april 2023 verwees ik daar reeds naar. “Waarbij Ons Water benieuwd is hoe aanbeveling 2.3.1 de functieprofielen voor de DB leden, qua taak en deskundigheden, wordt ingevuld.”
Je hebt dus geen dijkgraaf als Bonjer nodig om bestuurlijk af te glijden naar een totale politisering en naar grenzeloze persoonlijke ambities. Na de woorden “dat gaan wij doen” van de fractievoorzitter van de BBB op 18 april 2023 is de politisering compleet. Ik heb nog nooit in mijn meer dan 30 jaar waterschapervaring meegemaakt dat partijen (AB leden) feitelijk buitengesloten werden van de discussies over de totstandkoming van een bestuursakkoord.
De inschakeling van een verkenner (zonder waterschapervaring) en het benoemen van informateurs die niet spraken met andere AB leden dan die van de beoogde coalitiepartijen hebben ertoe geleid dat politieke uitsluiting een feit is.
De politisering is in 2008 geboren met de afschaffing van het personenstelsel en de introductie van (politieke) partijen; bestuurlijk worden de waterschappen sindsdien uitgehold. Waar het eens ging om de inhoud gaat het nu helaas alleen om de macht, zo lijkt het.
De Hollandse ziekte heeft ook het Generaliteitsland Brabantse Delta bereikt. Een partizaan zou van de strijd moeten houden die door de liefde voor zijn land (of voor zijn waterschap) van munitie en strijdlust wordt voorzien. Toch ervaar ik nu alleen een zwaar verlies.
Wilt u op de hoogte blijven van de geschriften van il partigiano like dan de pagina II partigiano 22/11 op facebook. Dan mist u niks.
1500 – 1830: de groei van de steden en de concentratie van ambachten daarin. De opkomst van ziekten/ epidemieën die slecht water gerelateerd waren.
1830 – 1900: de cholera slaat toe in steden als Londen. Bekend is de The Broad Street cholera uitbraak in 1854 veroorzaakt door besmet water uit de waterpomp op Broadstreet. John Snow een Brits wetenschapper/epidemioloog legde het verband.
1897 tot nu: in 1897 werd de Staatscommissie Lynden geïnstalleerd door koningin/regentes Emma onder voorzitterschap van Robert Melvil baron van Lynden. Die in 1901 middels een lijvig en degelijk rapport van ruim 200 pagina’s uitgebracht, met tal van aanbevelingen. Afgestemd op het ontwerp Gezondheidswet, het welk in 1903/04 werd ingediend, maar nimmer behandeld en is in 1905 ingetrokken.
Toen begonnen we reeds met achter de feiten aan blijven lopen. Wel plannen maken maar die slechts deels uitvoeren. Meer dan 120 jaar wanbeleid op het vlak van water en natuur. Toen spraken werd er in het parlement nog heldere taal gesproken Wat we nu stikstofverbindingen noemen was toen nog gewoon stront en zeik. In 1952 kwam de Hinderwet en in 1970 wet verontreiniging oppervlaktewateren.
Vanaf John Snow zou het besef er moeten zijn dat men meer moet praten dan doen. En zou het lied wat nu uit aller Rotterdamse kelen klink door politici in praktijk moeten worden gebracht.
Massa’s zijn schatplichtig aan John Snow vandaar zijn foto bij dit artikel.
Wilt u op de hoogte blijven van de geschriften van il partigiano like dan de pagina II partigiano 22/11 op facebook. Dan mist u niks.
Bergen op Zoom vanuit de lucht — de Bergse haven en de Oosterschelde.
Vandaag (20 mei) in de NRC een artikel over het nieuwste boek van Petra Possel over de ansjovis. Eén van de drie zuilen onder de Bergse culinaire traditie van de drie A’s (Aardbei, Ansjovis en Asperge).
Petra Possel verhaalt haar zoektocht van Makkum naar Monterosso en komt ook langs op een soort ‘begrafenis’ in Bergen op Zoom. Met een dagvangst van 370 gram en een litanie van mogelijke oorzaken. Haar beleving: “alleen de cake ontbreekt”.
Arm Bergen op Zoom. Gaan we nu net als de restaurateurs in Collioure (Frankrijk) voor de AAA de ansjovis A nu uit Argentinië halen? Ondertussen is de laatste Bergse ansjovisvisser in 2024 gestopt.
Of gaan we werkelijk werken aan de oorzaken van de achteruitgang van dat lekkere beestje in onze wateren. Zoals de waterkwaliteit in de Ooster Schelde.
Onderstaande mail verzond ik naar de politiek leider van de BBB in het waterschap Brabantse Delta die ik ook ken als gewaardeerd collega in de Bergse gemeenteraad. Het is een reactie naar aanleiding van het gesloten coalitieakkoord (BBB, VVD, West-Brabant WaterBreed, Water Natuurlijk en het geborgde Ongebouwd (de agrariërs).
Met zorgen en in frustratie kijk ik terug op het proces dat geleid heeft tot het coalitieakkoord en geef ik een analyse van de mogelijke gevolgen. Ik zie geen balans. Al bladerend door het stuk krijg je alleen al op basis van de foto’s de indruk dat het werkgebied van de Brabantse Delta alleen bestaat uit boerenland. Ik zie geen balans tussen de taken en belangen van het waterschap en al haar inwoners en belangengroepen. Op basis van de foto’s lijkt het waterschap gelegen te zijn in het Groene Hart van Zuid-Holland. Wel koeien en gras, geen bossen, geen open akkerland. En waar de ruim 840.000 mensen wonen is een raadsel!
Beste Rian,
Ik heb met interesse kennis genomen van het document “Water verbindt ons- Coalitieakkoord WBD 2023-2027”. Een “coalitieakkoord”, dat is het ook! Het is in ieder geval geen bestuursakkoord.
“Onze waterdoelen noodzaken tot vernieuwende samenwerking, ondernemerschap en innovatie” is een prachtige subtitel, maar de door mij tijdens het proces van de totstandkoming van dit “coalitieakkoord” ervaren daden geven mij een heel ander gevoel. Er is niet samengewerkt, althans niet met de niet-coalitiegenoten. Dat is zoals ik het ervaren heb. Er heeft een omschakeling plaatsgevonden van wij naar zij. Van een coöperatieve opstelling naar machtsdenken.
Na jouw woorden “dat gaan wij doen” (vergadering algemeen bestuur van 18 april 2023) is de bestuurscultuur binnen het waterschap Brabantse Delta veranderd. Het gebruik van het woord coalitieakkoord is daar de bevestiging van.
Er is totaal gebroken met de samenwerking zoals ik die in mijn dertigjarige ervaring bij en in alle waterschappen waarin ik bestuurlijk heb mogen dienen (Waterschap Zoomvliet, Hoogheemraadschap Westelijk Noord-Brabant, Waterschap Scheldekwartier, Zuiveringsschap Rivierenland, Hoogheemraadschap Alm en Biesbosch, Waterschap Rivierenland, Waterschap Rijn en IJssel en Waterschap Brabantse Delta) heb mogen ervaren.
Steeds werd na de verkiezingen gesproken met alle fracties en categorieën om te komen tot een bestuursakkoord. Van de in het AB aanwezige kennis en ervaring – buiten de beoogde coalitiepartners om – is naar mijn gevoel geen gebruik gemaakt. Jammer, een gemiste kans.
Ondernemerschap zit er zeker in. Maar wel uitsluitend agrarisch ondernemerschap. Niet onlogisch als minimaal vier van de beoogde DB leden agrarische ondernemers zijn. Ze hebben alle vijf ervaringen met mest. Van kunstmest, via drijfmest tot paardenmest.
Wat ik bijna stuitend vind is het bijkans totaal ontbreken van het stedelijk gebied. Kijk als voorbeeld eens naar de tien foto’s. Slechts één van de tien heeft een stedelijk karakter. Niet onlogisch als je beseft dat de vijf beoogde DB-leden allen in het buitengebied wonen of in het overgangsgebied (tussen dorp en buitengebied).
Als persoon en als vertegenwoordiger van Ons Water voel ik mij buitengesloten. Geen deelgenoot van een stuk waar in de subtitel samenwerking wordt genoemd als drager van dit coalitieakkoord. Deels veronderstel ik onbedoeld. Maar als je mijn stukjes op Facebook onder Studio 578 – ondertekend met il partigiano (de partizaan) – zou hebben gelezen, kan je weten hoe mijn gevoelens en gedachten zijn.
Mijn mooie waterschap Brabantse Delta is qua bestuurscultuur aan het afglijden naar de bestuurscultuur van de Hollandse Delta, de risee van de Nederlandse waterschapswereld. Dat doet pijn! Voor de verkiezingen was dit al mijn grootste zorg en die heb ik voorafgaand aan 15 maart 2023 ook met jou gedeeld. Ik besef dat alles politieker is geworden. Dat het zo politiek is geworden dat men feitelijk niet meer overlegt over de inhoud die tot nu toe gezamenlijk was, vind ik verbijsterend.
Mijn afkeer van verkenners en informateurs is je reeds lang bekend. Deze ervaring heeft die afkeer verstrekt, want mede door de keuze van dit traject is gebeurd wat er is gebeurd. Na de wat mij betreft gemankeerde verkenning is de informatieperiode – op een enkel mailtje na – geheel gericht geweest op de ‘coalitiepartijen’. Geen reactie op de mail, geen gesprek, NIETS van dat alles. Van de formateurs heb ik ook niets gehoord. Een gemiste kans.
Ik maak mij niet alleen grote zorgen over de nieuwe bestuurscultuur maar ook over de inhoud, waarbij ik niet alleen de foto’s als maat der dingen neem. Ik neem kennis van het “COALITIEAKKOORD”. Ik zal het niet ondertekenen noch steunen. Het is de nieuwe realiteit.
Vroeger was er de gezamenlijkheid, de ééndracht die het waterschapsbestuur zo uniek maakte. Die is nu weg. Ik ga mijn vrijheid – met pijn in het hart – koesteren. Geen DB-lid, geen ondertekenaar van een bestuursakkoord, geen deel uitmaken van een fractie die het akkoord wel heeft ondertekend betekent voor mij dat ik als AB-lid bestuurlijk in een politieke wereld ben aangeland.
Ik mag en zal – tegen wil en dank – il partigiano zijn.
Ten slotte maak ik mij grote zorgen over de toekomst van de waterschappen als zelfstandige overheid. Dit “COALITIETAKKOORD” van de deelnemers in deze gelegenheidscoalitie is naar mijn stellige overtuiging een stap in een richting waar de Kaagen en Boelhouwers van deze wereld op zitten te wachten, om eerst de resterende geborgde zetels te elimineren en uiteindelijk de waterschappen op te heffen. Ik heb mijn zorgen verwoord in il partigiano 2 (waterschappen in aftakeling; te vinden op de facebook pagina II partigiano 22/11).
Beste Rian succes met de samenwerking in je coalitie.
Water en techniek — de kerntaak van het waterschap.
Mijn waterschap Brabantse Delta is hard op weg bestuurlijk het slechte voorbeeld van waterschap Hollandse Delta te volgen. Als mijn informatie klopt zijn er op 31 mei dertien kandidaten voor het Dagelijks Bestuur en misschien ben ik dan nog niet compleet, dit alles nog voordat de functieprofielen of gewenste deskundigheden zijn geformuleerd en gepubliceerd. In het betoog van ondergetekende op de AB vergadering van 18 april 2023 verwees ik daar reeds naar. “Waarbij Ons Water benieuwd is hoe aanbeveling 2.3.1 de functieprofielen voor de DB leden, qua taak en deskundigheden, wordt ingevuld.”
Je hebt dus geen dijkgraaf als Bonjer nodig om bestuurlijk af te glijden naar een totale politisering en naar grenzeloze persoonlijke ambities. Na de woorden “dat gaan wij doen” van de fractievoorzitter van de BBB op 18 april 2023 is de politisering compleet. Ik heb nog nooit in mijn meer dan 30 jaar waterschapervaring meegemaakt dat partijen (AB leden) feitelijk buitengesloten werden van de discussies over de totstandkoming van een bestuursakkoord.
De inschakeling van een verkenner (zonder waterschapervaring) en het benoemen van informateurs die niet spraken met andere AB leden dan die van de beoogde coalitiepartijen hebben ertoe geleid dat politieke uitsluiting een feit is.
De politisering is in 2008 geboren met de afschaffing van het personenstelsel en de introductie van (politieke) partijen; bestuurlijk worden de waterschappen sindsdien uitgehold. Waar het eens ging om de inhoud gaat het nu helaas alleen om de macht, zo lijkt het.
De Hollandse ziekte heeft ook het Generaliteitsland Brabantse Delta bereikt. Een partizaan zou van de strijd moeten houden die door de liefde voor zijn land (of voor zijn waterschap) van munitie en strijdlust wordt voorzien. Toch ervaar ik nu alleen een zwaar verlies.
Het vernieuwde Algemeen Bestuur wordt ingewerkt. Op woensdag 10 mei 2023 vond de vierde inwerkbijeenkomst plaats, dit keer met als thema ‘de waterketen’.
De presentaties blonken niet uit in historisch inzicht. Er was wat gestuntel met de leeftijd van onze eigen installaties. Maar wat ik erger vond, is dat bleek dat een presentator de indruk wekte dat het zuiveren van afvalwater pas begon na de komst van de wet verontreiniging oppervlaktewateren in 1970.
Helder is dat de rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) Bath ouder is dan de genoemde 30 jaar. Uitgaande van de “INVENTARIS VAN HET HOOGHEEMRAADSCHAP VAN WEST-BRABANT 1976-1990” is te stellen dat de bouw van de persleiding in 1971 begon en dat deze in 1976 in gebruik werd genomen. De persleiding van de rioolwaterzuiveringsinstallatie naar een lozingspunt nabij Waarde werd omstreeks 1980-81 in gebruik genomen. Er zijn rapporten betreffende geluidshinder van de rioolwaterzuiveringsinstallatie te vinden over de jaren 1981-1982. En het oudste overzicht zuiveringstechnologische gegevens dat ik heb kunnen vinden is van 1984. Dus de RWZI Bath werkt vermoedelijk circa 40 jaar en niet pas 30 jaar!
In oktober 1897 werd er bij besluit van de Koningin-regentes een Staatscommissie ingesteld met de opdracht “te onderzoeken, welke maatregelen behooren te worden genomen ter voorkoming van, voor de volksgezondheid schadelijke, verontreiniging der openbare wateren en van dit onderzoek aan Hoogst Derzelve verslag uit te brengen, eventueel onder bijvoeging van één of meer wetsontwerpen”. Het was de Staatscommissie tot voorbereiding van maatregelen tegen verontreiniging van openbare wateren, met als hoofdonderwerpen: Waterstaat, Ruimtelijke ordening & Natuur.
De commissie stelde vijf subcommissies in die elk een belangrijk aspect moesten onderzoeken en daarover moesten rapporteren. Op 29 juni 1901 werd een lijvig en degelijk rapport van ruim 200 pagina’s uitgebracht met als bijlagen onder meer de rapporten van de subcommissies.
Het geheel was “getuigend van inzicht en een ver vooruitziende blik.” Het bijgevoegde wetsontwerp, afgestemd op het ontwerp Gezondheidswet, werd in 1903-04 ingediend, maar nimmer behandeld en het is in 1905 ingetrokken. Toen begonnen overheden reeds met achter de feiten aan blijven lopen. Wel plannen maken maar die slechts deels uitvoeren.
De gemeenten daarentegen – die toen middels hun riool overstorten de belangrijkste veroorzakers waren van de overlast – gingen vaak wel aan de slag. Zij begonnen maatregelen te nemen en uiteindelijk RWZI’s te bouwen.
Als voorbeeld de RWZI Moerenburg aan de oostkant van Tilburg. Lang loosden de Tilburgse fabrieken hun afvalwater op de waterlopen. Omdat dit veel overlast gaf werd zuivering van het afvalwater noodzakelijk. Al vanaf het begin van de 20ste eeuw werden op Moerenburg proeven gedaan om het water van de Leij te zuiveren. In 1937 was deze installatie aan de Hoevense Kanaaldijk gereed, één van de eerste RWZI’s in Nederland. RWZI Moerenburg is nu een rijksmonument en een werkbezoek zeker waard!
De Nederlandse regering droeg in de jaren negentig de verantwoordelijkheid voor het zuiveren van afvalwater op aan de bestaande waterschappen en koos in het kader van de Richtlijn Stedelijk Afvalwater voor verwijderingspercentages per gebied. Daarvoor zuiverden de gemeenten hun afvalwater, vaak in samenwerking met waterschappen of zuiveringsschappen.
Waar is de liefde voor de geschiedenis van het eigen vakgebied?
Wilt u op de hoogte blijven van de geschriften van il partigiano like dan de pagina II partigiano 22/11 op facebook. Dan mist u niks.